Van Instituutscultuur naar wooncultuur (Deel 6)


Kenmerken van een instituutscultuur: (Bron Support Living zie boekenlijst)

1 Het leven in groepsverband is niet vergelijkbaar met het wonen in gewone gezinnen. 
   Hierdoor vormen instellingen een subcultuur ten opzichte van hun omringende omgeving.

2 De subcultuur leidt tot een zekere mate van afgeslotenheid ten opzichte van de omgeving,
   met name ten opzichte van  het sociale netwerk waarin de bewoners voorheen leefden.

3 Op grond van de geslotenheid in de subcultuur doen de bewoners andere ervaringen op dan
   andere mensen: dit leidt tot een beperkte  kijk op de wereld en andere strategieën voor
   overleving  en het handhaven van zelfrespect.

4 Er is in deze subcultuur sprake van centralisatie van bevoegdheden. De gang van zaken wordt 
  geregeld door de groepsleiding onder leiding van het hoofd; de bewoners moeten voor een 
  relatief groot aantal zaken toestemming hebben.

5 De nadruk ligt sterk op het speciale en op het gewone. 

Zie verder wooncultuur

Zie ook Community Care 1


     SPW3 SPW4 en MZ  Home